Bijna alles is anders met kerst - Martijn van Laar

Deze Kerst zal het wat anders zijn dan anders. Op het moment van schrijven zijn we druk bezig met plannen maken voor de kerstdagen. Als u/jij dit leest zal het wel duidelijk zijn hoe het kinderkerstfeest in de Elthetokerk eruit komt te zien, óf er vanaf de balkons van de leefgemeenschap boven de kerk een heerlijke engelenzang zal klinken (;-), wat de alternatieve invulling is van de KerstInn op tweede kerstdag, en wie weet wat nog meer…

 

Veel zal net wat anders zijn. De gezellige drukte zullen we missen. Toch is niet álles anders. Ook dit jaar staat in december de ‘Ik mis je met kerst’-boom weer op de stoep voor de kerk, waar ieder de namen in kan hangen van mensen (of momenten) die hij/zij mist.

Belangrijker, het goede nieuws van kerst blijven we vieren: we zijn nooit alleen. In een kind dat al het duister aankan kwam God zelf het ons vertellen. God wilde ons niet missen. Hij koos ervoor om bij ons te zijn. Hij wilde delen in onze vreugde en onze dromen, maar ook in ons verdriet en onze wanhoop, in ons zingen en in ons zuchten, in hoop en vrees, in ons slagen en in ons mislukken, in onze triomfen en in onze rampen.

‘God is met ons’. Volgens Samuel Wells (ik haalde hem al vaker aan) drukken die vier woorden zelfs het hart van het hele evangelie uit: God is een God die bij mensen wil zijn. Dat wonder van Kerst vieren we ook dit jaar.

Misschien in een wat kleinere groep, via de stream, misschien iets soberder, maar dan nog: een geheim om ook (juist) in dit gekke jaar te koesteren.Misschien kunnen wij er ook voor kiezen om de komende weken eens echt bij iemand te zijn. Samen te praten van hart tot hart, stil te worden, te luisteren, te horen wat de ander bezighoudt, voor elkaar te bidden, om voor elkaar een knipoog en glimlach van God te zijn…


De glimlach van uw licht (Len Borgdorff - 1952)

Voor wie verborgen is
en door de duisternis
onvindbaar is gemaakt,
bidden wij om een eerste ster,
een tere schittering van ver,
maar die een mens diep raakt.

En wie geloven moet
dat niets er nog toe doet,
wat of zij ook probeert:
Geef haar een vonk die op den duur
mag worden tot een levend vuur
dat brandt en niet verteert

Voor wie geen weg meer kent,
waarheen hij zich ook wendt,
niets meer voor ogen heeft,
vragen wij om uw dageraad
waarin een wereld opengaat
die ieder ruimte geeft.

Wie vastzit in verdriet
en enkel nog maar ziet
wat weg is en kapot:
Toon hem de zon van uw gezicht;
Leg in zijn oor uw woord van licht.
Kom steeds tevoorschijn God.


Goede adventsweken en een gezegende Kerst!

Broedergroet,

Martijn van Laar