Blog Martijn: Niet willen fixen, maar bij mensen zijn

Een paar jaar geleden, op een studieconferentie in het kader van de permanente educatie (een soort lesprogramma voor predikanten om up-to-date te blijven) maakte ik voor het eerst kennis met het denken en de persoon van Samuel Wells. Wells is predikant van de Londonse kerk St. Martin-in-the-Fields en een bekend theoloog. Op 14 en 15 mei was hij ook in Amsterdam om in gesprek te gaan met Amsterdamse en andere kerken. En in het Hemelvaart weekend, op de conventie van de Charismatische Werkgemeenschap Nederland, was hij ook één van de sprekers.

Eigenlijk kun je Wells theologie samenvatten met twee woorden: ‘zijn met’ (being with). Die twee woorden vatten ook samen waar het God om gaat: ‘God met ons’ (Immanuel) willen zijn. Echt bij mensen zijn, dat is nog  niet zo gemakkelijk. Wij gaan als mensen het moeilijk hebben heel snel dingen doen. Wij zien vooral problemen die we zo snel mogelijk willen oplossen, fixen. Wij gaan gelijk aan het werk voor anderen. Dat is ook mooi, zegt Wells, maar al dat fixen kan zomaar voorbijgaan aan iets wat minstens zo waardevol is: dat er iemand bij je is, je kent, bij je blijft, ook of juíst als er dingen zijn die niet opgelost kunnen worden. God is zo iemand, zegt Wells. Alles in God en in de schepping is er op gericht om ‘met ons’ te zijn. De bijbel eindigt niet voor niets met het visioen dat God met ons zal zijn. En natuurlijk, God doet ook dingen vóór ons. In Jezus komt hij ons redden. Maar die redding bestaat er vooral in dat wij nooit alleen zijn, dat Hij met ons is, ons draagt, ook als het donker wordt, zelfs door de dood heen.

Wells verwijst in een van zijn boeken naar de film ‘The English Patient’. Als Katharine - de geliefde van Lazlo – midden in de woestijn bij een ongeluk dodelijk gewond raakt, draagt Lazlo haar liefdevol naar een grot. Daar staat hij voor een hachelijke keuze. Gaat hij hulp halen in het 3 dagen lopen verderop gelegen Cairo? Of blijft hij bij zijn lief om haar bij te staan in haar laatste uren? Lazlo kiest er in de film voor om hulp te halen, hij probeert te fixen, maar het gevolg is dat Katharine moederziel alleen, met niemand die bij haar is, sterft…  Is fixen wel altijd de juiste keus of wacht ieder van ons als het puntje bij paaltje komt op iemand die je liefheeft, bij je blijft en je vast blijft houden?

Ik kan het niet zo mooi zeggen als Wells, maar hij zet me wel aan het denken. Ook in de kerk zijn we al heel snel aan het fixen, aan het werk voor mensen, willen we problemen oplossen. Maar kunnen we van God en van Jezus niet vooral leren om bij mensen te zijn? En wat zit er achter onze drang om van alles voor mensen te doen? Kan dat ook angst zijn? Om echt bij iemand te zijn, zonder grote woorden misschien, kwetsbaar, gelijkwaardig? En hoe zit het met hiërarchische verhoudingen in een relatie waarin iemand iets voor de ander doet?

God had er voor kunnen kiezen om alles te fixen. Maar in Jezus toont hij ons vooral iets anders: ‘Ik ben met u, alle dagen tot aan de voltooiing van deze wereld’, belooft Jezus aan het slot van het Matteüsevangelie. Hoe kunnen wij met de hulp van Gods Geest ook bij elkaar en bij mensen zijn?